Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label braken. Alle posts tonen
Posts tonen met het label braken. Alle posts tonen

woensdag 16 mei 2012

Lichamelijke gevolgen van eetstoornissen

Hersenen
De hersenen hebben voldoende voedingsstoffen nodig om te kunnen functioneren. Indien de hersenen niet de nodige voedingsstoffen krijgen, kunnen allerlei cognitieve symptomen optreden, zoals concentratieproblemen, angst, depressiviteit, prikkelbaarheid, vertraging in denkprocessen, verlies aan creativiteit, geheugenproblemen en een gewijzigd beoordelingsvermogen.

Hart
Bij vermagering treedt er naast verlies van vetweefsel ook verlies van spierweefsel op. Aangezien het hart vooral uit spierweefsel opgebouwd is, treedt bij extreme vermagering ook een afname van de hartspiermassa op. Ook hartritmestoornissen komen frequent voor bij patiënten met ondergewicht, al dan niet veroorzaakt door elektrolytenstoornissen. Dergelijke hartritmestoornissen kunnen zelfs leiden tot plotse hartstilstand. Bij boulimia nervosa kan het hart eveneens ritmestoornissen vertonen, meestal hypokaliëmie (te weinig kalium in het bloed) tengevolge van het herhaaldelijke braken en/of gebruik van laxeer- en/of plasmiddelen.

Energiebesparing
Omdat het lichaam bij onvoldoende calorie-inname zoveel mogelijk energie probeert te besparen, schakelt het lichaam over op een lagere stofwisseling. Dit uit zich in een vertraging van de hartslag (bradycardie), een verminderde ademhalingsfrequentie en een verlaagde bloeddruk. Hierdoor kunnen patiënten vermoeidheid, duizeligheid en lusteloosheid ervaren. Doordat er te weinig eten verbrand wordt, daalt de lichaamstemperatuur, wat dan weer gepaard gaat met een voortdurend koudegevoel, blauwe handen en voeten (acrocyanose).

Osteopenie en osteoporose
Osteopenie (letterlijk: ‘minder bot’) en osteoporose (letterlijk: ‘bot met gaten’) zijn twee begrippen die gebruikt worden om aan te geven  dat de hoeveelheid botmineraal in de botten is afgenomen. Osteopenie is eigenlijk het voorstadium van osteoporose, terwijl osteoporose het gevorderde stadium van botverlies is. Osteoporose gaat gepaard met een verhoogd risico op botbreuken. Osteopenie en osteoporose zijn verschijnselen die vooral voorkomen bij vrouwen na de menopauze. Dit heeft te maken met de hormonale veranderingen tijdens de menopauze, waaronder een tekort aan het hormoon oestrogeen. Bij patiënten met ondergewicht is er een tekort aan dit hormoon. Naast normalisatie van het gewicht is herstel van de menstruatie essentieel voor een toename van de botdichtheid.

Cyclusstoornissen en amenorrhoe
Cyclusstoornissen en amenorrhoe (uitblijven van de menstruatie) zijn het gevolg van een verstoorde hormoonhuishouding en kunnen optreden bij alle eetstoornissen. Amenorrhoe komt echter frequenter voor bij anorexia nervosa. Het al dan niet optreden van menstruatie is sterk gerelateerd aan het vetgehalte van het lichaam, maar wordt ook beïnvloed door psychologische factoren en stress. Hoe langer de menstruatie uitblijft, des te minder oestrogeen (geslachtshormoon) er wordt vrijgesteld en hoe hoger de kans op osteopenie en osteoporose. Bovendien komt ook de vruchtbaarheid van vrouwelijke patiënten in het gedrang.

Huid en haar
Door een tekort aan allerlei voedingsstoffen kan haaruitval optreden. Ook kan het haar veel dunner worden en worden de nagels brozer. De huid wordt droog en schilferig en kan donshaartjes (lanugobeharing) gaan vertonen. Hiermee tracht het lichaam het warmteverlies via de huid te beperken.

Gebit en speekselklieren
Bij patiënten die regelmatig braken, kunnen tanderosie en cariës ontstaan. Dit is een gevolg van de zure maaginhoud die het tandglazuur aantast. Voedingstekorten, gebrekkige persoonlijke hygiëne, medicatie en veranderde voedingsgewoonten (zoals het overmatig gebruik van koolzuurhoudende dranken) kunnen bijdragen aan andere symptomen ter hoogte van de mond, zoals ontsteking van het tandvlees, spontane bloeding van het tandvlees en loskomende tanden. Patiënten die regelmatig braken, vertonen soms een vergroting van de speekselklieren.

Spijsverteringsstelsel
Verschillende afwijkingen aan het maagdarmstelsel kunnen ontstaan door ondervoeding, maar ook door zelfopgewekt braken en/of misbruik van laxeermiddelen. Doordat er te weinig voedsel en/of vocht wordt ingenomen, gaan de darmen minder hard beginnen te werken, waardoor er verstopping of constipatie kan optreden. Ook de maag zal zich trager ledigen, waardoor een opgeblazen gevoel na een maaltijd kan ontstaan. Bij patiënten die frequent eetbuien hebben, gevolgd door compenserend braken, is een scheuring van de maag één van de meest ernstige en levensbedreigende complicaties. Braken kan ook de wand van de slokdarm aantasten, waardoor ontstekingen en bloedingen kunnen ontstaan. Bij ondervoeding kunnen ook leverfunctiestoornissen en in zeldzame gevallen een acute ontsteking van de alvleesklier ontstaan. Onvoldoende vochtinname kan resulteren in dehydratie, nierbeschadiging en nierstenen. Teveel vochtinname (meer dan 5 liter water op enkele uren tijd) heeft echter ook niet te onderschatten gevolgen. Bij watervergiftiging (meestal 10 tot 20 liter op enkele uren tijd) kunnen de nieren minder water uitscheiden dan geconsumeerd wordt. Hierdoor is het gehalte aan natrium in het bloed verlaagd, waardoor vochtophoping in de hersenen, stoornissen in het evenwicht en de bewegingscoördinatie, convulsies (stuipen), coma en uiteindelijk overlijden kunnen optreden.

Hypoglycemie
Lage glucosespiegels komen bij anorexia nervosa frequent voor, geven meestal geen specifieke klachten en stijgen meteen na voedselinname. Hypoglycemisch coma is zeldzaam, maar kent een hoge sterfte. Het kan worden uitgelokt door hyperactiviteit, infecties en langere periodes van vasten. Zweten, beven, verhoogde hartslag, angst, hongergevoel, duizeligheid, hoofdpijn, wazig zien, traagheid in denken, verwardheid, abnormaal gedrag en bewustzijnsverlies kunnen symptomen zijn van hypoglycemie.

Tekorten
Door het ontoereikende of eentonige dieet kunnen tekorten aan bepaalde mineralen en vitamines ontstaan. Zo wordt er bij vele patiënten met anorexia nervosa bloedarmoede en een te laag aantal witte bloedcellen vastgesteld. De witte bloedcellen zijn belangrijk bij de afweer van het lichaam tegen infecties, hoewel het nog niet duidelijk is of dat patiënten met anorexia nervosa ook een verhoogd risico op infecties lopen. Bij patiënten die laxeer- en/of plasmiddelen gebruiken en/of regelmatig braken kunnen ernstige stoornissen in de elektrolytenhuishouding ontstaan, vooral een tekort aan kalium. Dit kan leiden tot ernstige hartritmestoornissen en zelfs plotse hartstilstand.

 Samengesteld door een arts